Veelvoorkomende insecten & dieren rond Le Magnolia.
Poes Moustache, nieuwsgierig en vriendelijk
aaien toegestaan
Reeën – 's nachts en bij zonsopkomst -
stil blijven
Dassen – nachtwerkers, graven in de berm -
met rust laten
Konijnen – vredig in de schemer -
genieten
Vossen – zeldzaam, bij de houtwal -
niet benaderen
Roofvogels (buizerd, wouw, uil) -
van afstand bekijken
Bijen, wespen, hoornaars – bestuivers tuin -
afstand houden
Libellen & waterjuffers -
bewonderen
Vlinders -
laten fladderen
zie het lijstje meer naar onderen.
Kikkers & padden - nachtelijke koorleden
niet storen
Egels -
met rust laten
Mieren & kevers -
observeren
Slakken & regenwormen -
laten kruipen
Vleermuizen -
bewonderen van afstand
Na een steek of beet?
van muggen, wespen, teken, hooimijt en andere jeukende bultjes:
gebruik près pique: kijk op genietenmetoostvogel.nl/apres-pique
Recept van je gastvrouw, het helpt direct.
meest voorkomende vogeltjes rond Le Magnolia:
- Mésange bleue → Pimpelmees
- Rouge-gorge → Roodborst
- Moineau domestique → Huismus
- Sittelle torchepot → Boomklever
- Mésange charbonnière → Koolmees
- Accenteur mouchet → Heggenmus
- Rougequeue noir → Zwarte roodstaart
- Verdier d’Europe → Groenling
- Grive musicienne → Zanglijster
- Chardonneret élégant → Putter / Distelvink
- Étourneau sansonnet → Spreeuw
- Fauvette à tête noire → Zwartkop
- Troglodyte mignon → Winterkoning
- Hirondelle rustique → Boerenzwaluw
- Martinet noir → Gierzwaluw
- Pic épeiche → Grote bonte specht
Vlinders die veel voorkomen rond Le Magnolia (Lot-Dordogne)
1. Dagpauwoog (Aglais io)
Felgekleurde ogen op de vleugels. Zeer algemeen, overwintert in schuren.
2. Kleine vos (Aglais urticae)
Oranje met zwarte vlekken. Veel op brandnetels en bloemen.
3. Atalanta (Vanessa atalanta)
Zwart met rode banden. Trekkende soort, heel vaak in tuinen.
4. Distelvlinder (Vanessa cardui)
Oranje, gespikkeld. Massale trekvlinder, sommige jaren enorm veel.
5. Koninginnenpage (Papilio machaon)
Groot, geel‑zwart, majestueus. Regelmatig in de Lot, vooral op venkel en wilde peen.
6. Koolwitje (groot & klein)
Wit, eenvoudig, overal. Komt veel op koolsoorten en bloemen.
7. Icarusblauwtje (Polyommatus icarus)
Klein, felblauw mannetje. Zit in graslanden en open plekken.
8. Bruin zandoogje (Maniola jurtina)
Bruin met een oogvlek. Zeer algemeen in juni–augustus.
9. Gehakkelde aurelia (Polygonia c-album)
Gehakkelde vleugelranden, oranje. Zit vaak op fruit en bramen.
10. Kolibrievlinder (Macroglossum stellatarum)
Zweeft als een kolibrie bij bloemen. Bij jou heel normaal in zomeravonden.
|11. Citroenvlinder (Gonepteryx rhamni)
Felgeel mannetje, groenig vrouwtje. Eerste vlinder die in voorjaar vliegt.
12. Kleine vuurvlinder (Lycaena phlaeas)
Klein, koperkleurig. Veel in droge graslanden.
13. Dambordje (Melanargia galathea)
Zwart‑wit patroon. Typisch voor Zuid‑Frankrijk, juni–juli.
14. Oranjetipje (Anthocharis cardamines)
Wit met oranje vleugeltoppen (mannetje). Voorjaar, veel bij pinksterbloemen.







